Redactie ABM Financial News - Woensdag 30 december 2015, 16:16 uur

Macintosh Retail Group heeft in de opmaat naar de kerstdagen flink verrast door op maandag 22 december te melden "op zeer korte termijn" bekend te kunnen maken wie het bedrijf zou overnemen, en een dag later noodgedwongen surseance van betaling aan te vragen voor de uitbater van schoenenwinkels, omdat alle potentiele kopers waren afgehaakt na het boekenonderzoek.

Inmiddels hebben de twee door de rechtbank aangestelde bewindvoerders op dinsdag 29 december het faillissement voor de groep aangevraagd.

De surseance van betaling blijft van kracht voor onderdelen Dolcis, Invito, Hoogenbosch Retail Group, Manfield en PRO sport, terwijl er geen surseance van betaling is aangevraagd voor Scapino. In Belgie is er geen verzoek gedaan in het kader van de Wet Continuiteit Ondernemingen voor Brantano.

Alle winkels van de Macintosh groep zijn vooralsnog open en de bewindvoerders en de betrokken directies gaan nu "alle mogelijke opties bekijken die in het belang zijn van de werknemers, de schuldeisers en andere relevante betrokken partijen". Dit is inclusief de verkoop van de groep als geheel of in delen, zo meldde het bedrijf dinsdag in een persbericht.

Analisten en andere marktvorsers waren niet echt verbaasd over deze snelle gang bergafwaarts, omdat Macintosh de laatste jaren onder leiding van achtereenvolgens de CEO's Frank de Moor en de op 1 augustus 2014 als zijn opvolger aangetreden Kurt Staelens er maar niet in slaagde de slechte financiële prestaties als gevolg van de economische crisis, toegenomen concurrentie, de komst van nieuwe spelers en e-commerce, en een sterk wijzigende klantenvoorkeur te verbeteren.

De schuldpositie had moeten verbeteren door de verkoop van 'exotische' onderdelen als Belcompany, Halfords, Kwantum, en uiteindelijk ook van de Britse schoenenactiviteiten en door zich te concentreren op schoenenverkoop in winkels en via internet in de Benelux.

Maar het mocht niet baten. De verkoop van de genoemde activiteiten leverde minder op dan gehoopt, waardoor ook gewenste investeringen in winkelvernieuwingen en online niet konden worden gedaan.

Macintosh verkocht de Britse schoenenwinkels van Brantano UK en Jones Bootmaker in oktober 2015 aan investeringsmaatschappij Alteri Investors. De netto verkoopopbrengst van 17 miljoen euro "lag aan de onderkant van de verwachtingen" en werd gereserveerd voor schuldaflossing. Maar de transactie resulteerde voor Macintosh in een boekverlies van 53 miljoen euro.

Ook de opbrengst van 28 miljoen euro uit verkoop van Kwantum aan Gilde Equity Management was lang niet voldoende om de schuldenlast geheel weg te poetsen. Op 30 juni 2015 had Macintosh nog een nettoschuld van 82,2 miljoen euro, bleek uit de halfjaarrapportage van het bedrijf. De transactie, die met terugwerkende kracht ingaat op 1 januari 2015, levert een boekwinst op van slechts 1 miljoen euro op. "Duidelijk teleurstellend", aldus analisten van SNS Securities.

Macintosh gaf maandag 22 december bij monde van de inderhaast ingehuurde crisiscommunicatie-manager Charles Huijskens aan dat ook bij uitverkoop van de overgebleven schoenenwinkels en andere activa de overblijvende waarde voor de aandeelhouders naar verwachting zeer beperkt zal zijn, "if any". Deze analyse werd door de analisten van SNS Securities gedeeld. Het is moeilijk voorstelbaar dat er voor de aandeelhouders van Macintosh na de aanvraag van surseance van betaling, nog iets van waarde overblijft, aldus deze marktvorsers. De verkoop van de overblijvende bezittingen van Macintosh is duidelijk door het bankensyndicaat afgedwongen om de schulden af te betalen, voegden ze daaraan toe.

Na de toekenning van de surseance plaatste Euronext Amsterdam het aandeel Macintosh vanaf 24 december in de zogeheten 'Recovery Box', ook wel 'het strafbankje' genoemd, een speciaal segment waar aandelen worden verhandeld van bedrijven die zich in een insolvabiliteitsprocedure bevinden.

De noteringsmaatregel is voor een periode van maximaal 12 maanden en het op het strafbankje geplaatste fonds Macintosh kan maximaal 3 maanden onderdeel van de AScX index blijven uitmaken. Indien de situatie na 12 maanden niet is verbeterd, kunnen aanvullende maatregelen volgen, waaronder een einde van de beursnotering, waarschuwde beursuitbater Euronext. Een roemloos einde van het fonds uit de AScX dreigt dan ook nadrukkelijk.

Het aandeel begon het jaar op 3,68 euro, waarna een gestage glijvlucht omlaag begon, die in oktober als gevolg van de teleurstellende verkoopopbrengsten overging in een duikvlucht en waardoor het fonds met een koers van 0,03 euro inmiddels verworden is tot een heuse pennystock. Year-to-date komt het koersverlies uit op ruim 99 procent.

Leren beleggen

Live koersen